ANALYSE SANDA DIA

Vier jaar Reuzegom: de KU Leuven likt nog steeds haar wonden

De zaak-Reuzegom heeft de manier waarop de KU Leuven communiceert veranderd, zowel intern als extern. De rol van de media valt daarin niet te onderschatten.

Gepubliceerd Laatst geüpdatet

Editoriaal: 'Gerechtigheid voor alle Sanda Dia's'

Lees het hier.

Volgende week wordt er na vier jaar eindelijk een strafuitspraak gedaan in de zaak-Reuzegom. Sinds het overlijden van student Sanda Dia tijdens een doopritueel van de studentenclub Reuzegom is de houding van de KU Leuven en de Leuvense clubwereld veranderd.

Dit jaar hebben immers alle clubs het hernieuwde, strenge doopcharter ondertekend en ook gevolgd. Daarnaast heeft ook de universiteit haar houding naar de buitenwereld toe moeten aanpassen.

Wist de universiteit niet beter?

Dat de KU Leuven heeft afgezien van de maatschappelijke verontwaardiging rond Dia's overlijden, is voor alle betrokkenen duidelijk. 'Laat er geen twijfel over bestaan dat de kwestie emotioneel gezien enorm woog bij het universiteitsbestuur', vertelt Robbe Van Hoof, voorzitter van de Studentenraad (Stura) in het jaar van de doop.

KU Leuven zou in principe stappen hebben kunnen ondernemen buiten haar eigen tuchtreglement om, maar daarmee begeeft ze zich op glad ijs

De grootste kritiek op de KU Leuven destijds was dat ze te laks zou hebben opgetreden toen bekend werd gemaakt wat er was gebeurd. 'Mensen mogen echter niet onderschatten dat de universiteit in het begin nog helemaal niets wist,' vertelt Van Hoof, 'dus voorzichtigheid was toen aangewezen.'

Kort na de doop werden alle betrokkenen uitgenodigd voor een gesprek met de vicerector Studentenbeleid. Op dat moment had de universiteit nog geen inzage gekregen in het juridische dossier, of de medische vaststellingen. Toch zou ze dat wel hebben geprobeerd, volgens een voormalige bestuurder die nauw betrokken was.

Ontevreden familie

Volgens Pieter Huyberechts, Nieuwsblad-journalist die ook een boek schreef over Sanda Dia, is net dat wat Dia's familie de universiteit kwalijk nam: 'Wat hen betreft, ondernam de universiteit te weinig stappen om meer informatie te zoeken', vertelt Huyberechts. 'Zij vinden dat de rector ook onvoldoende toenadering heeft gezocht tot de familie.'

Twee betrokennen wijzen er echter vooral op dat het tuchtreglement van de KU Leuven tekort schoot, onder andere omdat studentenclubs geen officieel erkende verenigingen aan de KU Leuven zijn. Bovendien was het reglement niet voorzien op collectieve overtredingen zoals een doopritueel.

'Ik ken geen enkele Reuzengommer die niet heeft gezegd dat die spijt had. Je kan niet anders dan daarover berichten'

Caroline Van den Berghe, VRT-journalist

De KU Leuven zou in principe stappen hebben kunnen ondernemen buiten dat eigen tuchtreglement om. Die optie zou even op tafel hebben gelegen, al begaf de universiteit zich daarmee op glad ijs. Ze besloot het uiteindelijk niet te doen: het zou de Reuzengommers de kans en in zekere zin het recht hebben gegeven om de universiteit juridisch te bekampen.

Rol van de media

Het was pas na de reconstructie van journalist Pieter Huyberechts in de zomer van 2020 dat de KU Leuven haar tuchtprocedure en onderzoek naar de Reuzengommers herbegon. Het aantal sancties tegen de clubleden die nog aan de universiteit studeerden, werd hierna opgetrokken.

'Het was toen dat de polemiek online echt groot werd', herinnert Van Hoof zich. Volgens hem sloeg de kwestie op sociale media echt door. Ook een deels geacteerde reconstructie door VTM-nieuws gooide volgens hem olie op het vuur. 'De verontwaardiging van mensen was terecht, maar men beoordeelde de aanpak van de universiteit op wat pas achteraf bekend werd gemaakt. Niet op wat ze zelf destijds afwist van de zaak', aldus Van Hoof.

'De beslissingen van een universiteit moeten berusten op redelijkheid, en niet op de publieke opinie'

Bart Pattyn, docent media-ethiek

Caroline Van den Berghe, journalist bij VRT, valt hem bij: 'Als journalist probeer je onpartijdig en rationeel een zaak te belichten, maar jammer genoeg heb je op sociale media die controle niet.'

Ook de Reuzengommers verdienen volgens haar een eerlijk proces: 'Ik ken geen enkele Reuzengommer die niet gezegd heeft dat die spijt had', vertelt ze. 'Of dat oprecht is? Dat kan je moeilijk weten, maar als ze die spijt uitdrukken, bericht je daar ook over.'

Nog steeds getekend

In de vier jaar sinds het drama heeft de KU Leuven ook veranderingen ondergaan. Zo heeft de universiteit haar tuchtreglement en bijbehorende procedures grondig aangescherpt en versterkt. Ook zag dit academiejaar een hernieuwd doopcharter het licht, opgesteld in samenwerking met de stad Leuven, de politie, studentenvertegenwoordigers en andere partners.

'Niet alleen is haar kader rond tuchtbeleid verhelderd, de universiteit is ook gevoeliger geworden voor de materie', vindt Van Hoof. Dat uit zich ook in de omgang met de media, merkt Huyberechts. Ook al kan de KU Leuven vaak nog steeds rekenen op de kritiek dat ze onvoldoende transparant en gevoelig zou communiceren, merkt hij wel een positieve verandering.

'Neem bijvoorbeeld de aankondiging van de tuchtprocedure tegen studentenclub ZOV een paar maanden geleden: dat was op voorhand door geen enkele redactie geweten. De universiteit koos ervoor om dat proactief te communiceren', merkt Huyberechts op. Van Hoof merkt dan weer een grotere neiging tot nuancering en transparantie: 'Dat verklaart bijvoorbeeld de vele lange, intussen beruchte, mails die de rector soms schrijft.'

Dat journalisten soms door sensatielust gedreven worden, bleek uit een veroordeling van een journalist van De Morgen door de Raad van Journalistiek

Moet een universiteit meegaan in de emoties van een maatschappij? Docent media-ethiek Bart Pattyn (KU Leuven) vindt van niet: 'De beslissingen van een universiteit moeten berusten op redelijkheid, en niet op de publieke opinie.' Communicatie is daarin belangrijk volgens hem: 'Die moet redelijk en helder zijn, maar de universiteit moet niet zoals een bedrijf proberen om sympathiek over te komen, of loze beloftes te maken.'

Toch blijft de KU Leuven schijnbaar moeite hebben met haar relatie tot de publieke opinie. Het idee leeft soms dat de universiteit zich enkel gedwongen voelt te communiceren wanneer zaken plots in de media opduiken. 'Ik denk dat je als bestuur twee kanten op kan: ofwel kies je voor een terughoudende rationele aanpak, ofwel voor een emotionele', vertelt Van Hoof. 'Bij beide keuzes loop je het risico om mensen tegen de borst te stuiten.'

Lessen voor de journalistiek?

Sven Mary is advocaat van de familie van Sanda Dia. Hij vraagt expliciet dat de namen van de Reuzegommers bekend worden gemaakt na de uitspraak. Zo wil hij de leden – volgens hem vooral toekomstige dokters en ingenieurs – herkenbaar maken in de maatschappij. De meeste journalisten zijn het er echter over eens dat dat niet de bedoeling is, zelfs nadat er een officiële uitspraak wordt gedaan.

'Op dat punt zou in principe niets ons beletten de namen van de veroordeelden vrij te geven, al heeft de hoofdredactie – in navolging van onze deontologische code – besloten om dat sowieso niet te doen', vertelt Van den Berghe. 'In onze deontologische code staat dat het maatschappelijk belang daarbij moet afgewogen worden tegen de re-integratie in de maatschappij. Dus als ze niet veroordeeld worden tot zware effectieve straffen, noemen we hun namen niet', aldus nog Caroline Van den Berghe. Ook Huyberechts vindt dat een redactie best op de rem gaat staan op zo'n moment.

De vraag is of de media zelf niet te veel inspelen op de maatschappelijke verontwaardiging rond de zaak. 'Media spelen een rol in de creatie van een soort sociale sfeer', vertelt Pattyn. 'Daardoor kan een journalist in de verleiding komen om een partijdige wij- versus zij-mentaliteit te creëren, maar een verantwoorde pers moet daar tegenin gaan.'

Dat journalisten soms door sensatielust gedreven worden, bleek uit een veroordeling van een journalist van De Morgen door de Raad van Journalistiek op april 2021. Die had foutief beweerd dat een van de leden van Reuzengom – de zoon van een gouverneur – aanwezig was op de doop.

Volgens Pattyn is sensationeel nieuws problematisch: 'Ik kan begrijpen dat journalisten zich geroepen voelen om te schrijven over zaken die de emoties roeren, maar het uiteindelijke doel van een goede berichtgeving is een goed geïnformeerde en tegelijk onpartijdige gedeelde betrokkenheid te creëren.'

Hij vindt hij dat de Raad van Journalistiek in dit verband tekortschiet als controleorgaan: 'Ze gaat te zeer uit van abstracte principes. Er is te weinig reflectie onder journalisten over waarover journalistiek zou moeten gaan, en in hoeverre het al dan niet maatschappelijk betrokken kan of mag zijn.'

Dit artikel werd geüpdatet op 25/05 om de citaten van Caroline Van den Berghe aan te passen.

Powered by Labrador CMS